|
Ons adres: |
|
Dit artikel is gewijd aan al die Hasseltenaren, die in de zeventiende en achttiende de stad de rug toekeerden om elders hun geluk te gaan beproeven. Al eerder hebben wij het uitvoerig gehad over Hendrik van Wilp. Hij vertrok in 1646 naar Indië. Zijn reis verliep niet zonder problemen en bij zijn aankomst in Batavia bleek hem, dat zijn toekomst er minder rooskleurig uit zou zien dan hij bij zijn vertrek had verwacht. Hij was niet de eerste die droomde van nieuwe werelddelen. Killiaen van Rensselaer was hem voorgegaan. Hij wilde aan de overkant van de oceaan een nieuw bezit verwerven. Daartoe had hij land aangekocht. Het werd een kolonie binnen een kolonie. Het bestuur erover werd vanuit Amsterdam geleid. Killiaen moest dan ook binnen zijn “leengoed” zelf voor recht en orde zorgen. Hij is zelf nooit in Amerika geweest. Hij zond de geschoolde jurist Van der Donck als schou - dus als zijn plaatsvervanger - naar zijn overzeese bezittingen. Onbedoeld heeft hij daarmee grote invloed uitgeoefend op het karakter van de gehele kolonie Nieuw-Amsterdam en van daaruit op de totale Amerikaanse samenleving. Russell Shorto betoogt in zijn boek dat het deze Van der Donck is geweest die |
|
Hasseltenaren overzee |
|
Vluchten, het avontuur tegemoet en ervaring opdoen. Ziehier drie motieven om overzee te gaan . |
